De reflex die het misdoet
In een kleine tuin gaat bijna iedereen hetzelfde te werk: alles tegen de randen, het midden vrij. De gedachte is dat het dan ruim blijft, maar het effect is omgekeerd. U ziet in één oogopslag waar de grenzen liggen, en daarmee precies hoe klein het is.
Wat wél werkt, is het zicht onderbreken. Zet iets in de tuin in plaats van alleen eromheen: een meerstammige boom, een haagje op halve hoogte, een grote pot. Wat u niet in één keer kunt overzien, oogt groter dan het is. Elke tegel die eruit gaat scheelt in hitte en wateroverlast; Steenbreek verzamelt daar de cijfers over.
Diagonaal in plaats van recht
De langste lijn in een rechthoekige tuin is de diagonaal. Legt u het pad of het terras schuin, dan gebruikt u die lijn, en dat scheelt zichtbaar in de beleefde diepte.
Hetzelfde geldt voor bestrating: leg de tegels of de planken haaks op de kijkrichting, dus dwars in plaats van van u af. Een vloer die van u af loopt, trekt het oog naar de achterste schutting en die staat er dan ineens heel dichtbij.
Omhoog is de enige richting die vrij is
In een tuin van vijf bij zes meter is de grond snel op, maar de muren zijn nog leeg. Klimplanten aan een draadsysteem, een leiboom tegen de schutting, een hangende beplanting aan het schuurtje — dat kost vrijwel geen grondoppervlak.
Kies bij klimmers wel bewust. Klimhortensia en klimop hechten zichzelf, maar klimop kan voegwerk beschadigen; clematis en kamperfoelie hebben een frame nodig maar zijn makkelijker te verwijderen.
Eén materiaal, en groot in plaats van veel
Rust maakt een kleine ruimte groter. Gebruik één type bestrating en één kleur voor schutting, bakken en meubels; elke extra kleur of materiaalsoort deelt de tuin visueel verder op.
Dat geldt ook voor potten. Drie grote potten oogt ruimer dan twaalf kleine, ze drogen minder snel uit en ze vragen minder werk. Een pot van vijftig centimeter doorsnede is het punt waarop een plant er meerdere jaren in kan blijven staan.
Berg op wat u niet hoeft te zien
In een kleine tuin valt rommel meteen op: de fietsen, de container, het gereedschap. Reken daar vooraf ruimte voor in, ook al gaat dat ten koste van zitplek.
Een smalle kast tegen de schutting van veertig centimeter diep neemt weinig weg en houdt de rest leeg. Wat u niet opbergt, staat straks in het zicht op de plek die u juist mooi wilde houden.
Wat u wint met minder tegels
Een kleine stadstuin die helemaal betegeld is, wordt op een zomerse dag beduidend warmer dan de lucht eromheen, en na een bui staat het water tegen de gevel.
Haalt u een strook tegels langs de schutting weg voor beplanting, dan lost dat allebei op en krijgt u er een border bij. Zie een border opbouwen voor wat er in zo'n smalle strook kan.

