Tuin inrichten

Een tuin indelen: begin bij de zon, niet bij de schutting

Foto: Thomas Mawson · CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Twee dingen liggen al vast

Voordat u iets tekent, staan er twee gegevens vast waar u niets aan verandert: de ligging ten opzichte van de zon en de grond eronder. Alle andere keuzes volgen daaruit.

Een tuin op het zuiden krijgt de hele dag zon en is 's middags heet; een tuin op het noorden is koeler en heeft schaduw waar u het hele jaar rekening mee houdt. Oost geeft ochtendzon, west geeft de avondzon — en dat laatste is voor de meeste mensen het moment dat ze daadwerkelijk buiten zitten.

Loop eerst een week door uw eigen tuin

Het klinkt traag, maar het scheelt het meest: kijk een week lang waar de zon om acht uur, om twee uur en om zes uur staat, en zet het op een simpel schetsje. Vrijwel iedereen legt het terras aan de achterkant van het huis omdat dat logisch lijkt, en ontdekt daarna dat het daar om zes uur schaduw is.

Let tegelijk op de looplijnen. Van de achterdeur naar de schuur, naar de kraan, naar de afvalcontainer — dat zijn paden of het worden kale plekken in het gras.

Verdeel in zones

Een tuin die als één vlak wordt ingericht, blijft altijd een beetje leeg ogen. Verdeel hem in gebruikszones: zitten, bewegen, groeien, opbergen.

Die zones hoeven niet groot te zijn. Een zitplek van drie bij drie meter is genoeg voor een tafel met zes stoelen als u de looproute eromheen vrijhoudt. Een border van tachtig centimeter breed oogt smal en werkt niet; anderhalve meter is het minimum om iets op te bouwen dat het hele seizoen iets doet.

Wat u niet wilt zien

Bijna elke tuin heeft een lelijke hoek: de container, de warmtepomp, het schuurtje van de buren, het raam waar u recht in kijkt. Bepaal die punten vooraf en zet er iets voor — een klimplant op een frame, een meerstammige boom, een haagje op halve hoogte.

Belangrijker dan wat u ervoor zet, is waar u het neerzet. Iets afschermen doet u het beste dicht bij de kijker en niet bij het object: een smal scherm van anderhalve meter naast uw stoel neemt meer zicht weg dan een grote schutting achterin.

Hard en zacht in verhouding

De verhouding tussen verharding en groen bepaalt hoe de tuin aanvoelt én hoe hij zich houdt bij hoosbuien. Tegels laten geen water door, warmen op en houden die warmte tot in de avond vast.

Een gangbare vuistregel is niet meer dan de helft verharden, en in een kleine stadstuin nog minder. Wie tegels vervangt door beplanting merkt het meteen aan de temperatuur op een warme dag en aan de plassen na een bui.

De volgorde van uitvoeren

Werk van groot naar klein en van achter naar voren: eerst grondwerk en afwatering, dan bestrating en schuttingen, dan bomen en heesters, dan vaste planten, en tot slot verlichting en meubilair.

Draait u die volgorde om, dan rijdt de kruiwagen door de net aangeplante border. En plant u de boom als laatste, dan blijkt er geen plek meer voor te zijn — terwijl juist die boom over tien jaar bepaalt hoe de tuin eruitziet. Zie ook het terras op de juiste plek.

Veelgestelde vragen

Hoe breed moet een border zijn?
Minimaal anderhalve meter als u er meerdere lagen in wilt. Smaller dan een meter wordt het een rand met losse planten in plaats van een border.
Welke tuinligging is het prettigst?
Voor de meeste mensen west of zuidwest: dan is er avondzon op het terras. Zuid geeft de meeste zon maar is in de zomer heet; noord vraagt om schaduwbeplanting.
Hoeveel van de tuin mag ik verharden?
Er is geen algemene wettelijke grens voor achtertuinen, maar praktisch houdt u het bij maximaal de helft. Meer verharding geeft wateroverlast en hitte.
Lees ook
Het terras op de juiste plek
Tuin inrichten

Het terras op de juiste plek

Uw grond herkennen
Grond en beplanting

Uw grond herkennen